Kurt Schwitters (door Schippers)

kurt-schwitters-and-norway

In zijn nieuwe roman Straks komt het (2018) gaat K. Schippers op zoek naar de plekken waar Kurt Schwitters (1887-1948) woonde en werkte. De tocht leidt naar Schwitters’ geboortestad Hannover waar hij in het ouderlijk huis zijn eerste Merzbau stapelde. Het huis staat er niet meer, in de nacht van 8 oktober 1943 werd het weggebombardeerd. Ervoor in de plaats kwam een deftige herenstraat met hoge, witte huizen. ‘De kapotte wereld van Merz is opgegaan in een wit land, dat bijna niets meer over de inhoud verraad’, schrijft Schippers. De straat ziet eruit als ‘een gerestaureerd gebit, te netjes, niet de slijtage van een eeuw’. Toch neemt hij er genoegen mee.

Merzbau Hannover

Ook bezoekt Schippers samen met E. (zijn vrouw Erica) het Duitse schiereiland Rügen waar Schwitters in de jaren twintig met vrouw en zoon heeft gelogeerd. Het eiland is bekend vanwege zijn ruige kustlijn met krijtrotsen, ‘een op drift geraakte kluwen vingers steekt de zee in’, maar ook vanwege de kolos van Prora: ‘een door de nazi’s in 1935 bedacht appartementencomplex voor arbeiders en militairen om bij te komen, in de zon. Heeft Schwitters dat nog gezien?’. Of zat hij toen misschien al in Noorwegen. In Oslo begon hij aan een nieuwe Merzbau, maar ook die bestaat niet meer. In de fik gestoken door een groepje kwajongens. Hij probeert het nog eens in een Noors fjord, maar moet ook daar al snel vluchten voor de Duitsers. Richting Engeland dit keer. De laatste Merzbau kwam tot stand in het Lake District.

Kurt-Schwitters-collage

Schwitters ken ik behalve van de Merzbau, van zijn Ürsonate (om precies te zijn vooral via de vertolking daarvan door Jaap Blonk) en van zijn talloze collages met papiertjes, verpakkingen, folders, entreekaartjes, bonnetjes, alles wat een ander achteloos in de prullenbak zou hebben gegooid. In Schwitters’ handen werden ze samengevoegd tot even gebalanceerde als spannende composities. Toen ik op de kunstacademie zat, was er een student die geobsedeerd was door Schwitters’ collages. Hij imiteerde ze, maar dan in kleine aantekeningboekjes. Het beplakken van de bladzijden zorgde er uiteindelijk voor dat de boekjes zo vol werden dat ze niet meer dicht konden. De uitdaging was om er zoveel collages in de krijgen dat de beide kaften elkaar zouden raken, zodat je het rechtop kon zetten. Bladeren werd onmogelijk.

Wat nieuw is voor mij, en waar Schippers mij op wijst, zijn de schilderijen die Schwitters maakte in Noorwegen. Verstilde landschappen in olieverf. Ze zijn moeilijk te stroken met de avantgardistische werken waarmee Schwitters de kunst vernieuwde. De jonge Deense kunstenaar Per Kirkeby, die de schilderijen in de jaren zestig begon te verzamelen, noemde de landschappen ‘forbidden paintings’: ‘works that do not fit in with ‘history’’. De schilderijen, hoewel nieuwer dan de meeste collages, doen in eerste instantie inderdaad een stuk ouder aan. Toch zie je wanneer je langer kijkt – zeker naar de meer abstractere composities – dat ze niet ver van de collages of de Merzbau afstaan, dat ze misschien wel meer bij elkaar horen dan de genreconventies ons toeschrijven.

Schwitters norway

Schwitters 1

 

 

Afbeeldingen: (boven) Kurt Schwitters schildert in Noorwegen (Djupvassjytta), gefotografeerd in 1933 door zijn zoon, Ernst Schwitters. (1918-1996). Beeld via Tate Modern. (midden) De Merzbau in Hannover, gefotografeerd door Wilhelm Redemann in 1933. Beeld via Moma. Een van Schwitters vele collages. (onder) Twee van Schwitters’ landschapschilderijen, gemaakt in Noorwegen (jaren dertig).